Waarom een klachtgerichte behandeling soms niet genoeg is
Sommige mensen doen alles goed in therapie, knappen op, en komen anderhalf jaar later terug met dezelfde situatie in een ander jasje. Weer een relatie waarin ze zichzelf wegcijferen, weer een baan waarin ze zich kapot werken om afkeuring te voorkomen.
Dan gaat het niet om deze klacht, maar om een patroon dat lang geleden logisch was. Een kind dat leert dat er pas ruimte is als het geen last veroorzaakt, doet iets slims. Datzelfde gedrag op je vijfendertigste kost je je grenzen.
Schematherapie richt zich op die patronen: waar ze vandaan komen, waar ze je nu in de weg zitten, en hoe je iets anders leert.
Schema's en modi, in gewone taal
Een schema is een diepe overtuiging over jezelf en anderen, ontstaan toen je jong was. Bijvoorbeeld: ik word toch verlaten, ik ben niet goed genoeg, ik moet het alleen doen.
Een modus is de toestand waarin je op een moment zit. De kant die zich klein maakt, de kant die eist dat je harder werkt, de kant die zich afsluit en niets meer voelt. Mensen herkennen die kanten meestal meteen als ze benoemd worden.
Het doel is niet om die kanten weg te halen, maar om de volwassen kant sterker te maken: degene die kan zeggen wat nodig is en tegelijk voor zichzelf zorgt.
Wat je in de sessies doet
Naast praten wordt er veel gewerkt met ervaringsgerichte technieken. Imaginatie met rescripting: je haalt een oude situatie voor je en verandert het verloop, zodat het kind in dat beeld krijgt wat het nodig had.
Stoelentechniek: verschillende kanten van jezelf krijgen letterlijk een stoel, zodat je ze kunt horen en er antwoord op kunt geven.
De relatie met je therapeut telt hier zwaarder mee dan bij kortdurende behandelingen. Je therapeut zal soms opmerken wat er tussen jullie gebeurt, omdat daar hetzelfde patroon zichtbaar wordt.
Dat maakt schematherapie intensiever. Mensen vinden het vaker zwaar dan een klachtgerichte behandeling, en tegelijk raakt het vaak precies waar het over gaat.
Duur, bewijs en verwachtingen
Reken op een jaar tot twee jaar, wekelijks of tweewekelijks. Bij een afgebakend patroon kan een kortere groepsvariant volstaan.
Het sterkste bewijs is er bij persoonlijkheidsproblematiek, in het bijzonder de borderline persoonlijkheidsstoornis, waar schematherapie in de zorgstandaard staat en langdurige effecten laat zien. Ook bij vermijdende en afhankelijke patronen is er onderbouwing.
Bij een enkelvoudige angst of een eerste depressie is het geen logisch startpunt: cognitieve gedragstherapie is dan korter en beter onderbouwd.
Wat het vraagt en wat het kost
Het vraagt tijd, en het vraagt dat je bereid bent om oude pijn aan te raken. Er zijn periodes waarin je je slechter voelt voordat het beter wordt. Dat hoort erbij, maar hoort wel besproken te worden.
Schematherapie in de gespecialiseerde ggz valt onder de basisverzekering, met verwijzing van de huisarts. Het eigen risico geldt, en bij langere trajecten in meerdere kalenderjaren dus ook meerdere keren.
Vraag naar registratie: schematherapeuten zijn geregistreerd bij de vereniging voor schematherapie. Vraag ook hoe vaak jullie evalueren, zodat een lang traject niet vanzelf doorloopt.
Veelgestelde vragen
- Hoe lang duurt schematherapie?
- Vaak een tot twee jaar, wekelijks of tweewekelijks. Groepsvarianten kunnen korter zijn.
- Waarin verschilt het van CGT?
- CGT richt zich op wat de klacht nu in stand houdt. Schematherapie richt zich op patronen die al jaren meegaan en op waar ze vandaan komen.
- Is het wetenschappelijk onderbouwd?
- Ja, vooral bij persoonlijkheidsproblematiek, waaronder de borderline persoonlijkheidsstoornis. Bij enkelvoudige klachten is CGT beter onderbouwd.
- Wordt het vergoed?
- Ja, in de gespecialiseerde ggz uit de basisverzekering, met verwijzing. Het eigen risico geldt per kalenderjaar.
- Kan ik me tijdelijk slechter voelen?
- Dat komt voor als oude pijn wordt aangeraakt. Bespreek het, want het tempo en de opbouw kunnen worden aangepast.
Deze informatie is algemeen en vervangt geen huisarts of professionele zorg. Bij acute nood: bel 112 of je huisarts.

